Procederen over nalatenschap bij rechter

02.02.2017

Álle erfgenamen-deelgenoten (tijdig) betrekken in procedure!

De afgelopen jaren zijn procedures over erfrechtelijke kwesties (waaronder de verdeling van een nalatenschap) enorm toegenomen, en nemen deze nog steeds toe. Als erfgenamen er bijvoorbeeld samen niet uitkomen op welke wijze de nalatenschap moet worden verdeeld, heeft in elk geval iedere erfgenaam bijvoorbeeld het recht om via een advocaat vordering tot verdeling in te dienen bij de rechtbank en de rechter te vragen de verdeling vast te stellen.
In de erfrechtelijke procespraktijk komt het bij dergelijke (dagvaarding)procedures veelvuldig voor dat niet alle of niet de juiste partijen in de procedure worden betrokken, hetgeen vergaande consequenties kan hebben, ook voor uw rechten als erfgenaam.

Het Hof Den Bosch heeft in een recent arrest van 10 januari 2017 (Gerechtshof Den Bosch 10 januari 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:40) nog bevestigd dat een wezenlijk aspect en een vereiste voor ontvankelijkheid van de vordering daarbij is dat álle deelgenoten (dus álle erfgenamen, al diegenen die een onverdeeld aandeel hebben in de nalatenschap) in de procedure worden betrokken. Dit in verband met het feit dat bij erfgenamen in een nalatenschap tussen de erfgenamen-deelgenoten sprake is van een processueel ondeelbare rechtsverhouding.
Dit wil zeggen
een rechtsverhouding ten aanzien waarvan het rechtens noodzakelijk is dat de beslissing van de rechter ten aanzien van álle betrokkenen gelijkluidend is. In de procedure in eerste aanleg bij de rechtbank kan de rechter nog op eigen initiatief (ambtshalve) aan de eiser de mogelijkheid bieden om een deelgenoot die eerder niet is gedagvaard alsnog in de procedure te betrekken. De eiser kan de rechter ook verzoeken om dit ambtshalve te bepalen. Op die manier wordt eiser nog een herstelmogelijkheid geboden.
Bij het hof in hoger beroep is het echter na het verstrijken van de termijn voor het instellen van hoger beroep (in een verdelingsprocedure bedraagt deze in de regel drie maanden vanaf de datum van het vonnis in eerste aanleg) einde oefening: het niet of niet tijdig dagvaarden van 1 van de deelgenoten leidt dan tot niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep, ook voor wat betreft het hoger beroep tegen de wél in de procedure betrokken deelgenoten.
Dat was het spijtige geval in de casus die hier bij het Hof Den Bosch speelde.

Het blijft dus zaak om een verdelingsprocedure van tevoren goed te overzien en zorgvuldig voor te bereiden, waarbij het advies en de bijstand van een ter zake gespecialiseerde advocaat geen overbodige luxe blijkt te zijn. Zo voorkomt u dat slordig procederen ertoe leidt dat u bepaalde rechten op een nalatenschap verspeelt, of een geheel nieuwe en kostbare procedure moet starten om processuele fouten te herstellen.

Voor vragen of overleg over dit onderwerp of andere erfrechtelijke kwesties kunt u contact opnemen met mr. I.K. Decupere (email: i.decupere@paulussen.nl; tel.: 043 328 4134).

 

Nieuws Overzicht